nl
en

Introductie

Michiel Kluiters (Amsterdam, 1971) verbindt met zijn werk architectonische constructies aan de manier waarop mensen kijken. Voor zijn vaak monumentale installaties vormt de bestaande architectuur of omgeving het uitgangspunt, waarna hij die gaat manipuleren. Bijvoorbeeld door een element uit die omgeving te kopiëren of door de suggestie te wekken dat de betreffende plek nog méér dimensies heeft. 

Het kunstwerk beïnvloedt daarom de manier waarop je die plek en het moment waarop je er bent ervaart. Het suggereert dingen die er niet zijn of die er juist wel waren maar inmiddels verdwenen zijn.  

 

Zijn werk bestaat onder andere uit wand vullende fotowerken waarop lege interieurs te zien zijn. Om de illusie van ruimte zo groot mogelijk te maken, construeert hij de ruimtes als schaalmodellen om het brandpunt van de camera heen. De ruimte waarin het fotowerk getoond wordt dicteert de afmeting en de compositie van de foto. De bestaande architectuur vormt dus het uitgangspunt voor het fotowerk.

 

Op de fotografie volgden videowerken, grootschalige architectonische constructies en uiteenlopende kunstprojecten voor in de openbare ruimte. 

 

Hoezeer zijn materiaal- en mediumgebruik en zijn thematieken in het werk in loop van de tijd zijn verbreed, Kluiters’ methode en artistieke focus zijn hetzelfde gebleven. En dat is op een gestuurde, geregisseerde manier de toeschouwer voor even meevoeren in een proces van kijken, denken en ervaren.

 

 

Michiel Kluiters / Melancholie op locatie / Dominique Ruyters / Metropolis M / 2002

 

Hoe leeg moet een ruimte zijn om 'doelbewust nutteloos' te zijn.  Georges Perec probeert het zich voor te stellen in zijn boekEspèces d' espaces (vertaald als De Ruimte Rondom). Het blijkt geen eenvoudige opgave. Een ruimte, hoe leeg ook, heeft al snel een functie. 'Hoe ik ook mijn best deed, het lukte me niet die gedachte, dat beeld [van de nutteloze ruimte, DR], tot het eind toe vast te houden. Het leek wel of de taal zelf tekortschoot bij het beschrijven van dat niets, die leegte, alsof je alleen kunt spreken over wat vol, nuttig en functioneel is.'

 

Michiel Kluiters heeft zich, Perec indachtig, ten doel gesteld de nutteloze ruimte te traceren, om vervolgens direct vast te stellen hoe onmogelijk de definitie van leegte is. Want vol zijn ze, de ruimtes die Kluiters in fotografie en video vastlegt, hoe leeg ze ook lijken. De kale gangen, dode hoeken en vage doorkijkjes barsten van volte. In de tentoonstelling bij Ellen de Bruijne Projects toonde Kluiters twee van die lege ruimtes: een wandvullende videoprojectie van een lege gang waarvan de tl-verlichting op een storende manier knippert en daarmee de ruimte als het ware aan- en uitzet, en een grote foto, aangebracht op de achterwand van een ruimte die door een glasplaat was afgesloten. De foto leek een verdubbeling van de afgesloten ruimte, en vormde zo een suggestieve verlenging ervan. Het was de perfecte ruimtelijke illusie achter glas, als in een ingelijst plaatje.

 

Kluiters suggereert zich suf. Handig maakt hij gebruik van de truc van de abstracte kunstenaar die minder meer laat zijn door informatie te reduceren. Bij hem spreekt niet de enkele lijn op het lege doek, maar de stemmig gekleurde ruimte die onder normale omstandigheden alleen de achtergrond vormt van huiselijke taferelen met mensen en spullen. De bewoners zijn vertrokken, de filmcrew is weg, en toch lopen de ruimtes over van betekenis. Te herkennen zijn een oude lege kantoorruimte en een gang uit een Amerikaans woonblok, die - zag ik het goed? – net nog vol stond met spullen. Bij de definitie van ruimte blijkt kleur een belangrijker informatiedrager dan mens of ding.

 

Toch wordt er per saldo geen verhaal verteld. De lege ruimtes zijn, hoe je het wendt of keert, toch echt lege ruimtes - een lege dop, eerder dan het halve ei. Veel hebben ze niet te zeggen. Het blijft bij sferische illusie in de traditie van het abstract realisme van Saenredam. Stemmingsbeelden zijn het, met de leegte als leidmotief. Noem het: melancholie op locatie.

Met niets kom je nergens behalve in de kunst. Veel kunst gaat er prat op helemaal niets te zijn, maar des te meer te betekenen hebben. Pure pretentie, daar gaat het om in deze wereld van demake believe. Overeenkomstig Kluiters’ behoefte aan leegte, aan het niets draait hij er geen doekjes om. Als de ruimte niet niets kan zijn en, overeenkomstig Perecs theorie, alleen volte betekent, dan heb je alleen de kunst zelf nog om niets te zijn. En dus laat Kluiters de toeschouwer op ontluisterende wijze zien hoe illusionair het werk is. De ruimtes blijken maquettes, die al dan niet bewerkt op de computer, de nagenoeg perfecte illusie van een werkelijk lege ruimte moeten bieden. Nagenoeg is niet perfect en dus luidt de conclusie: het werk is onecht, illusie, decor, lege huls. Van illusie kun je niet eten, daar heb je niets aan, behalve in de kunst.

 

Het zijn typische jaren tachtig onderwerpen waar Kluiters mee bezig is: plaats, niet-plaats, decor, illusie, leegte. In die jaren werd op de meest omslachtige manier denkbaar een schijnwereld gecreëerd die niets anders wilde aangeven dan de eigen lege kern. Het heette destijds een louterend commentaar op het betekenissencircus van de mediamaatschappij te zijn, waar alles altijd iets betekent. Kan iets ook eens niets te betekenen hebben? De conclusie is negatief. Perec weet er alles van.

 

De grens van vergeten / Cultureel Supplement / Maria Barnas / NRC Handelsblad / 11-06-2010

 

‘Hier is de grens’, zegt een jongetje van een jaar of zeven. Hij zit op zijn hurken in een deuropening en wijst aan waar twee kleuren laminaat elkaar raken. Hier gaat de vloer van de galerie over in die van wat hij ‘het privégedeelte’ noemt. Niet een deur, maar de ontmoeting van twee tinten vormt hier de grens.

 

Alhoewel ik nu niets liever zou willen dan het mij verboden gebied van galerie Ellen de Bruijne Projects binnenstappen, ga ik de tentoonstellingsruimte in die wordt gedomineerd door een zwevende spiegelbol. Ik zie niets anders dan spiegelende oppervlaktes. Wanneer ik naar mijn gezicht op zoek ga, zie ik alleen mijn voeten bewegen.

Ik kijk veel in spiegels. Ik kijk ’s ochtends in de spiegel om te kijken hoe ik mijn haar in een staart moet binden. Ik kijk of ik de crème op mijn gezicht goed heb uitgesmeerd. Veel vaker kijk ik in de spiegel om mijn eigen aanwezigheid te controleren. Ik kijk zeven, acht keer per dag of ik er nog ben. Een vluchtige blik volstaat. Ik knik mezelf toe: dag ik, dag jij. We zijn er nog.

 

Particle van Michiel Kluiters maakt me onrustig. Waar ben ik? vraag ik me af terwijl ik om de bol heen loop. De galerieruimte is er versnipperd en verknipt in terug te vinden.

Ik zie nu dat het midden van de bol zich op ooghoogte bevindt. De spiegelvlakken onder en boven de middenlijn staan in een lichte hoek ten opzichte van degene die de ruimte betreedt. Daarom zie ik wel mijn voeten, de vloer van de galerie, en ook het plafond, maar niet mijn hoofd. Elke spiegel staat in een net iets andere hoek, waardoor de ruimte – als in een sequentie van Dibbets – verspringt.

 

Ik probeer me te concentreren op de naad tussen twee spiegels. Deze vormt een messcherpe lijn tussen twee blikken op een ruimte die zich niet laten verenigen: in de ene spiegel staat mijn linkerschoen hoog in het vlak, in de aangrenzende spiegel staan twee voeten midden in het beeld. In de eerste spiegel is een hoek van een drempel te zien, in de tweede alleen de grijze vloer.

 

‘Dit is de grens’, hoor ik het jongetje tegen een andere bezoeker zeggen. ‘Niet vergeten!’ zegt hij.

Emma Crebolder schrijft in haar nieuwe dichtbundel Vergeten wat het is om woorden kwijt te raken, en daarmee het perspectief op jezelf en je omgeving. Niet kardemom, meergenaamd paradijskorrel, niet rozemarijn niet salie niet komijn.

 

Ze laat de woorden letterlijk zoekraken in haar gedichten die rondcirkelen om de verloren begrippen.

Ruis voor mij uit naam. Blijf in mijn buurt tot ik het busseltje ongekamd groen zie liggen. Ik wijs het je aan.

Crebolder lezen is de paniek ervaren om een wegglippend woord. Het is ook een rijkdom zien in beelden en woorden die ervoor in de plaats komen. Zolang het woord kwijt is, doemen andere begrippen op.

Ik loop rondjes om de bol van Kluiters waarop de ruimte in en om de spiegels zich in beweging lijken te zetten. In elke spiegel lijkt een andere film te beginnen. Ik schat dat de bol uit honderd spiegels bestaat. Honderd camera’s gericht op hetzelfde moment, dezelfde ruimte. Ben ik regisseur, cameraman of acteur in deze films? Ik probeer een toeschouwer te zijn.

 

CV

Michiel Kluiters, 1971 Amsterdam

 

 

Opleidingen

1996/1997 de Ateliers, Amsterdam

1994/1996 Gerrit Rietveld Akademie, Amsterdam

1990/1994 Hoge School v.d. Kunsten, Utrecht

 

 

Openbare ruimte

2018 't Zion dat ewigh duuren sal, Rijswijk Buiten, opdracht Gemeente Rijswijk (oplevering verwacht Okt. 2018)

 

2017 Het eerste Kwartier, schetsopdracht, Sloterdijk-A10 viaduct, Gemeente Amsterdam

 

2017 Kneep, schetsopdracht, Vredeveldsetunnel Station Assen, Gemeente Assen

 

2017 Monster van Nes, Fietstunnel Nes, Schagen, opdracht Provincie Noord-Holland

 

2016 de Verhalendouche, schetsopdracht, Stadhuis Zoetermeer, Gemeente Zoetermeer

 

2016 Dudoklink, schetsopdracht, Dudok Monument Hilversum, Gemeente Hilversum

 

2016 Line of Site, Penitentiaire Inrichting, Zaandam, opdracht Taak/ Pi2 / Staat der Nederlanden

 

2014 Double Ceiling, Rijksrecherche, Paleis van Justitie, Den Haag, opdracht Rijksvastgoedbedrijf

 

2014 schetsopdracht P10, Parkeergarage Nieuwegein, Gemeente Nieuwegein

 

/2014 Bijou, Bospoort Ede, opdracht Gemeente Ede

 

2014 Via 2014, Limmel/Nazareth, opdracht Gemeente Maastricht / Prorail

 

2013 Polaris, Minkema College Woerden, opdracht Gemeente Woerden / Mondriaanfonds

 

2012 Planet M, opdracht NIMk en SKOR

 

2011 Confetti, Sportcampus Wijchen, opdracht Gemeente Wijchen

 

2011 Oranjerie, Gemeentehuis Haren, opdracht Gemeente Haren

 

2011 Wereldplek, Onderwijs Boulevard Lewenborg Groningen, opdracht CBK Groningen

 

2011 Tijdruimte, Raadhuis Veenendaal, opdracht Gemeente Veenendaal

 

2009 Streep, Brandweerkazerne Spaansland Enschede, opdracht Gemeente Enschede

 

2008 LOC foto, LOC-Hardenberg, opdracht KCO en Gemeente Hardenberg

 

2007 Mind the gap, Pakhuis de Zwijger Amsterdam, schetsopdracht Stichting de Zwijger en SKOR

 

2006 Stadsbalkon, Stationsplein Groningen, schetsopdracht CBK Groningen

 

2005 Wintergarden, Amphia ziekenhuis Breda, opdracht Amphia en SKOR

 

2002 Courthouse, Kantongerechtsgebouw Enschede, opdracht Rijksbouwmeester

 

2001 Waiting room, CTSV Zoetermeer, opdracht Kunst & Bedrijf

 

2000 Kamer, Altrecht, Den Dolder

 

 

Exposities

2018 Toren, Zaal I,II, III, Phantom Limb, Fries Museum Leeuwarden

 

2016 The Time I Spent Going Nowhere, Billytown, Den Haag

 

2015 Partition, Ellen de Bruijne Projects, Amsterdam (solo)

 

2011 Wereldplek, CBK Groningen

 

2011 Planet M, Todaysart, Den Haag

 

2011 False Focus, Nest, Den Haag

 

2010 Collectie Reyn van der Lucht, Museum de Fundatie, Kasteel het Nijenhuis, Heino/Wijhe

 

2010 Particle, Ellen de Bruijne Projects (solo)

 

2009 Polderlicht, Amsterdam, samenwerking André van Bergen

 

2009 MediaKunstMobiel, NIMk, Amsterdam

 

2008 Volume, Vol II , Badischer Kunstverein, Karlsruhe (D)

 

2008 Essentially Absent, Nestruimte, DCR, Den Haag

 

2008 Rites de Passage, Marres, Maastricht, samenwerking met André van Bergen (solo)

 

2007 Cut and Paste, Lumineus-Amersfoort, Amersfoort

 

2007 Jetty, White Cube , P/////AKT, Amsterdam

 

2006 Lobby, Marres, Maastricht, samenwerking met André van Bergen

 

2006 Façade, Arti et Amicitiae Amsterdam

 

2006 Art Amsterdam, Ellen de Bruijne Projects, samenwerking André van Bergen

 

2006 Stock of Props, Pakt building, Amsterdam, samenwerking met André van Bergen

 

2005 Volume, Mediamatic, Post CS building, Amsterdam 2005 Mesh, Ellen de Bruijne Projects (solo)

 

2005 Constructed Moment, KW14, Den Bosch

 

2005 Bronnen, Kranenburg Museum, Bergen-NH

 

2004 Artforum Berlin (D), Ellen de Bruijne Projects

 

2004 Push, De Inkijk, SKOR, Amsterdam (solo)

 

2004 As, Marres, Maastricht (solo)

 

2003 Vyloha, Display (solo), Praag (CZ)

 

2003 Art Cologne (D), Ellen de Bruijne Projects

 

2003 Criccagang, T293 Napels (I)

 

2003 Shopwindow, project Hartenstraat, Amsterdam

 

2003 Liste 03, Basel (CH), Ellen de Bruijne Projects

 

2003 Not Fair, Las Palmas, Rotterdam

 

2003 Art Rotterdam, Ellen de Bruijne Projects

 

2002 Artchitektura, Architecture Institute Jaroslava Fragnera, Praag(CZ)

 

2002 Standplaats, off-site project Paraplufabriek, Nijmegen

 

2002 Kelder in de Vliering, W139, Amsterdam

 

2002 Michiel Kluiters, Ellen de Bruijne Projects (solo)

 

2001 overzichtstentoonstelling, ARBM, Den Haag (solo)

 

2001 Common Ground, BAK, Utrecht

 

2001 Stick to your own Knitting, Ellen de Bruijne Projects, Amsterdam

 

2001 Pieter Saenredam Het Utrechtse werk, Centraal Museum Utrecht

 

2000 Threesome, Begane Grond, Utrecht

 

2000 Chockablock Stock, Ellen de Bruijne Projects, Amsterdam

 

2000 MAF, Maastricht, Ellen de Bruijne Projects

 

2000 Space Trap, Ellen de Bruijne Projects, Amsterdam

 

Kritiek op eentoonigheid / Recensie / Machteld Leij / NRC Handelsblad / 22-04-2005

 

Recht en hoekig. En wit. Zo ziet de tentoonstellingsruimte van Ellen de Bruijne er doorgaans uit, in lege staat. Deze keer is de ruimte ook leeg en wit. Toch klopt er iets niet. En dan daagt het: het aantal pilaren is overdreven groot. Waar er eerst één stond, staan er nu wel een stuk of negen. Onopvallend wit, maar vastbesloten om de ruimte op te delen met hun aanwezigheid. Ze zijn er neergezet door Michiel Kluiters (1971) als hoofdbestanddeel van zijn expositie Mesh.

Ook in eerdere werken van Kluiters speelde de perceptie van ruimte een hoofdrol. Zo fotografeerde hij een maquette op dusdanig groot formaat, dat het net leek of je door de foto een lege kamer of gang zou kunnen binnenstappen. Op die manier speelde de kunstenaar met het idee van tastbare en denkbeeldige architectuur. Mensen ontbraken op deze foto's, zodat de illusie in stand kon worden gehouden.

 

Ook de video die de tentoonstelling Mesh verlevendigt, is mensloos. De monitor hangt buiten de galerie voor het raam in een `ge-doe-het-zelfde' kast van triplex en spaanplaat. In een loop zien we traag de ene na de andere vinexlocatie voorbijkomen. De beelden van skeletten in aanbouw, gefilmd vanuit de auto, gaan wonderwel samen met de provisorische uitbouw. Elke straat oogt hetzelfde, alleen de voor de deur geparkeerde auto's, goeie middenklassers in een hoge prijscategorie, verschillen.

De video valt samen met het levendige straatbeeld van de Rozengracht, waar de verkeersstromen tegenovergesteld aan de beweging van de video lopen. Een binnenstad leeft, lijkt Kluiters te willen zeggen, terwijl zo'n vinexlocatie toch vooral een buitenwijk in ruste is.

 

Het werk van Kluiters is te vergelijken met dat van de Belg Jan De Cock, die met zijn vaak tijdelijke architectonische bouwwerken de ruimte overneemt, opnieuw indeelt en overwoekert. Maar Kluiters is veel subtieler, zijn pilaster-ingreep doet volkomen natuurlijk aan. Als je de ruimte niet kent, zou je kunnen denken dat al die palen er al sinds de oprichting van het gebouw thuishoren.

Het gaat de kunstenaar niet alleen om formalistische eigenschappen als ruimte, vorm en volume. Door de herhaling van palen in de galerie, doet Kluiters tevens een uitspraak over de eentonigheid van onze omgeving. Als elk bouwelement gelijk is aan het volgende, zoals de huizen op de vinexlocaties, verdwijnt immers het idee van individualiteit.

 

Gelukkig is er in Kluiters' tentoonstelling ook plaats voor de verbeelding. De maquette Huls, onderdeel van Mesh, is een gesloten droomhuis, met zotte ruimtes. Niets klopt, als mens zou je er niet in kunnen rondwandelen zonder plots een verdieping lager te storten of onverklaarbaar vast te lopen in een kamer zonder uitgangen. Maar stel je voor hoe je zo'n huis zou beleven in je dromen - of in een nachtmerrie. Misschien heeft elke kamer een spannend geheim in petto. Dat maakt de minimale presentatie van Kluiters de moeite waard: het is een uitdaging voor de toeschouwer om zijn geest en voorstellingsvermogen erop los te laten.